Al vroeg leerde Iris (27) dat mentale gezondheid geen bijzaak is. Die ervaring maakte haar gevoelig voor wat er onder de oppervlakte bij mensen speelt. Een kwaliteit die een rode draad vormt in haar werk bij Capgemini en als vrijwilliger. “Vaak hoor ik door wat iemand níét zegt precies waar het wringt.”

Iris’ aandacht voor mentale gezondheid ontstond in haar tienerjaren, toen het een tijdje niet goed met haar ging. Ze kreeg te maken met anorexia en merkte hoe alles daardoor werd beïnvloed: school, thuis en het contact met anderen. “Mijn wereld werd steeds kleiner”, vertelt ze. “Alles draaide om eten, controle en wat er in mijn hoofd gebeurde.” Tijdens die periode ontdekte ze hoe groot het verschil kan zijn als iemand echt luistert – ook wanneer je zelf nauwelijks woorden hebt voor wat er speelt. Sindsdien let ze scherp op kleine signalen: iemand die zich terugtrekt, woorden die niet passen bij iemands houding, of een stilte die meer zegt dan een antwoord. Het leerde haar hoe belangrijk échte aandacht is.  

Werken aan vertrouwen 

Die manier van kijken en luisteren bleef niet beperkt tot haar persoonlijke leven, maar werd ook een kwaliteit in haar werk. Bij Defensie werkt Iris als projectmanager in een omgeving waar de druk hoog is. Ze ondersteunt het managementteam in de dagelijkse organisatie: van agendabeheer tot stroomlijning van de samenwerking tussen MT-leden. In die dynamiek valt Iris’ aandacht voor mensen extra op.  “Als iemand er moe uitziet of zich terugtrekt, vraag ik gewoon hoe het gaat. Niet als formaliteit, maar omdat ik het echt wil weten.” Zo probeert ze een vertrouwensband op te bouwen waarbij collega’s weten dat ze altijd bij haar terechtkunnen.

“Het is oké om hardop te zeggen dat het even niet lekker gaat.”  

Ruimte voor anderen  

Mentale gezondheid is voor Iris geen onderwerp dat ophoudt bij haar werk. Ook daarbuiten zet ze zich er al jaren bewust voor in. Zo begeleidt ze bij het Leontienhuis al vijf jaar mensen met een eetstoornis, vanuit haar eigen ervaring. Ze voert wekelijks gesprekken, stelt samen doelen en helpt iemand stap voor stap het leven weer groter te maken dan de eetstoornis. “Ik loop een stukje mee”, zegt ze. “Maar ik zit niet achter het stuur. Ik help iemand op weg, in zijn of haar eigen tempo.” Daarnaast is ze vrijwilliger bij het Leger des Heils, waar ze mensen helpt met eenvoudige naaiprojecten. “Achter de naaimachine ontstaan er vanzelf gesprekken, vaak met mensen die ik in het dagelijks leven minder snel ontmoet.”

Verhalen die blijven hangen 

Ook bij de Leader of Life Foundation zet Iris zich in voor mentale gezondheid. Deze stichting maakt mentale thema’s bespreekbaar voor jongeren en jongvolwassenen. Samen met haar vriend host ze een podcast waarin ze open gesprekken voeren over onderwerpen als verslaving, gescheiden ouders en eetstoornissen. In één van de afleveringen vertelt Iris haar verhaal over anorexia. “Dat was de eerste keer dat ik zo publiekelijk over mijn eetstoornis sprak,” zegt ze. “Juist die aflevering werd heel vaak beluisterd.” 

Voor Iris zit de waarde van die gesprekken niet in het verhaal zelf, maar in wat het losmaakt bij anderen. “Als iemand zich na het luisteren minder alleen voelt, of het gesprek durft aan te gaan met een ander, dan is het al de moeite waard.” 

Wellbeing in de praktijk

Binnen haar afdeling is Iris inmiddels het aanspreekpunt voor wellbeing: collega’s weten haar te vinden als het gaat over mentale gezondheid en balans op het werk. “Ik organiseer samen met anderen sessies over werk-privébalans en walk & talks.” Afgelopen najaar leidde dat voor het eerst tot een groot AS Wellbeing Event, met voormalig special forces-militair Erik Wegewijs als spreker. In korte tijd waren alle 150 beschikbare plekken gevuld. In februari volgt een nieuw event, dit keer met neuropsycholoog Eric Scherder. “Niet om oplossingen aan te dragen,” benadrukt ze, “maar om het gesprek op gang te brengen. Als mensen zich herkennen, ontstaat er vanzelf ruimte voor openheid.” 

“Ik help als ervaringsdeskundige mensen op weg in hun eigen tempo.” 

Wat echt telt 

Alles wat Iris doet, in haar werk en privé, komt uiteindelijk terug op één inzicht dat ze al jong opdeed: je staat zelf aan het roer, maar je hoeft het niet alleen te doen. “Ik heb geleerd dat je vaak meer aankunt dan je denkt. Maar ook dat het oké is om hulp te vragen. Of om gewoon even hardop te zeggen dat het niet lekker gaat.” 

Die houding probeert ze ook anderen mee te geven. Door vragen te stellen die soms ongemakkelijk zijn. Door eerlijk te zijn over haar eigen ervaringen. En door aandacht te hebben voor wat er onder de oppervlakte bij mensen speelt. “Als je goed voor jezelf zorgt, wordt alles daar omheen ook lichter. Werk, relaties, het leven zelf. Ik hoop daarom dat mensen mentale gezondheid niet pas serieus nemen als het misgaat.” 

Blijvend verschil

Bij Capgemini ziet Iris dat aandacht voor hoe het écht met mensen gaat verschil maakt. Niet alleen in grote wellbeing-initiatieven, maar juist in het dagelijkse contact tussen collega’s. “Als iemand zich eerder uitspreekt of zich gesteund voelt, werkt dat door in hoe je samenwerkt,” zegt ze. “Daar wil ik aan blijven bijdragen. Elke dag.”

“Als je goed voor jezelf zorgt, wordt alles daar omheen ook lichter.”