Onderscheid maken tussen smart city projecten

Publish date:

Smart city initiatieven worden ontwikkeld door het delen en samenvoegen van kennis en data tussen beleidsmakers, academici, bedrijven en burgers. Dit slim gebruiken en delen van data levert inzichten op waarmee steden of bedrijven meer waarde kunnen toevoegen aan de maatschappij. In deze blog presenteren we een model waarmee we smart city projecten classificeren op focus en termijn.

In onze vorige blog hebben we vraag- en aanbodvraagstukken tussen een distributiecentrum en een stad vergeleken. We hebben gemotiveerd waarom een gedegen capaciteits- of vraagplanning gecombineerd met regie meer winst of maatschappelijke waarde kan opleveren voor alle deelnemende partijen. Het slim gebruiken van data levert de inzichten waarmee steden of bedrijven deze waarde kunnen realiseren. Op dit moment onderzoeken steeds meer steden mogelijkheden om smart city ecosystemen op te bouwen en te verbeteren. Recent onderzoek van Capgemini naar smart city projecten in G40 gemeenten laat een uitgebreid palet zien aan smart city projecten en mogelijke toepassingen van ICT. Gebaseerd op onze kennis van het gebruik van data in distributiecentra introduceren we in deze blog een model waarmee dit soort initiatieven gerangschikt kunnen worden, onze inspiratie hiervoor komt wederom uit het bedrijfsleven.

Op dataverzameling in de openbare ruimte gelden andere normen dan op dataverzameling binnen de vier muren van een distributiecentrum. Het uitgangspunt is dat zowel de dataverzameling als het gebruik van data in openbare ruimtes de publieke waarden niet schaadt, de VNG heeft hiervoor digitale spelregels opgesteld. Initiatieven in de stad staan zoveel mogelijk ten dienste aan het maatschappelijk belang en dragen bij aan leefbaarheid. Samenwerking met stedelijke stakeholders levert ervaring en kennis op en is daarmee de sleutel tot succes, daarom is het ook erg interessant om de mate van verwevenheid van smart city projecten met de omgeving te onderzoeken. In het vervolg van dit blog beschrijven we het model aan de hand van een aantal smart city projecten.

Classificatie model van doeleinden van smart city projecten

Visualiseren is het ontsluiten en benutten van databronnen

Smart city projecten ontsluiten en benutten data om een digitale afdruk te maken van de stad, deze afdruk visualiseert de actuele situatie van een stedelijk vraagstuk op bijvoorbeeld het gebied van vervoer, woningmarkt of energietransitie. In Almere zijn burgers en bedrijven in staat om informatie op te halen over vergunningsverlening, ondergrond, wateroverlast en energievraagstukken. De digitale afdruk, ook wel digital twin, van de stad geeft inzicht hoe (een deel van) een stad ervoor staat, ook kunnen eventuele knelpunten in kaart worden gebracht. Een digital twin kan worden weergegeven in een 3D-model van de stad, waarin de stad met al haar straten, gebouwen, transportdiensten, etc. nauwkeurig zijn weergeven. De basis van elk smart city projecten is het visualiseren van de actuele situatie door middel van (openbaar) beschikbare databronnen. Vanuit deze basis kunnen smart city projecten het vizier richten op het ontwikkelen van nieuwe toepassingen – in nauwe samenwerking met overige stedelijke stakeholders – of op gedragsverandering in de eerste plaats door gerichte interventies.

Ontwikkelen van nieuwe services op het gebied van mobiliteit

Rotterdam ontwikkelt met haar digital twin nieuwe smart city toepassingen. De digital twin dient als platform waarop de verschillende stedelijke stakeholders samenwerken aan een maatschappelijk vraagstuk. Slimme verkeerslichten die warmte van fietsers meten en daardoor sneller op groen springen, stimuleren het gebruik van de fiets, parkeersensoren die auto’s sneller naar vrije plekken bewegen, en slimme straatlantaarns die geluid en bewegingen meten en analyseren om zo inbraken tegen te gaan zijn een aantal voorbeelden. Zes steden in Finland gaan nog een stap verder door per stad een smart city ontwikkelthema te kiezen. Het verbond van zes steden heeft onderlinge afspraken gemaakt op welk deelgebied binnen smart mobility de ontwikkelactiviteiten worden gericht om lokale bedrijven te helpen nieuwe business cases te generen. De doelstelling van dit programma is het ontwikkelen van nieuwe services op het gebied van mobiliteit door het gebruik van big data. Doordat steden onderling afspraken hebben gemaakt over wie waarop focust wordt financiering gekanaliseerd en (lokale) innovatie gestimuleerd.

Korte termijn gedragsverandering door interventies

Een stad kan smart city projecten ook richten op gedragsverandering. De gemeente werkt ook in deze situatie vaak samen met (markt)partijen die in staat zijn om analyses en simulaties uit te voeren, echter ligt de focus van de samenwerking op een gewenst effect in de praktijk en niet zozeer op het ontwikkelen van nieuwe toepassingen. Een goed voorbeeld van een smart city project dat zich richt op gedragsverandering is een project in Stockholm. De stad probeert door prijsinterventies mobiliteitsstromen te spreiden. Bij dit project in Stockholm is bestaande smart city infrastructuur gebruikt. De stad heeft een ‘congestion charge’ camerasysteem om het centrum geplaatst en bezoekers betalen een bedrag  (tot een bepaald maximum) voor het binnenrijden van de stad afhankelijk van het moment dat de stad wordt binnengereden en de duur van het verblijf. Op dit moment vind verrekening van het bedrag plaatst op basis van vooraf ingestelde parameters, zo is het goedkoper om ‘s avonds de stad binnen te rijden dan tijdens de spits. Het is mogelijk om de kostprijs op termijn te relateren aan de real-time drukte in de stad en modaliteit. Wanneer er meer gegevens beschikbaar komen over het gedrag van reizigers gerelateerd aan prijsprikkels kan in een digital twin het effect van prijsmaatregelen worden gesimuleerd.

Toewerken naar lange termijn gedragsverandering/beleid

Smart city projecten worden op de lange termijn uitgevoerd aan de hand van politieke samenwerking op verschillende niveaus en door het betrekken van alle stedelijke stakeholders bedrijven, burgers en kennisinstellingen. In een quadruple helix model werken partners op een meer holistische manier met elkaar samen aan brede gemeenschappelijke uitdagingen zoals het ontwikkelen van nieuwe woningen, nieuwe mobiliteit en infrastructuur of de energievoorziening.

Smart city projecten worden uitgevoerd aan de hand van samenwerking op verschillende niveaus en door het betrekken van alle stedelijke stakeholders. In een quadruple helix model werken partners op een meer holistische manier met elkaar samen aan brede gemeenschappelijke uitdagingen zoals het ontwikkelen van nieuwe woningen, nieuwe mobiliteit en infrastructuur of de energievoorziening. Een goed voorbeeld is EIT InnoEnergy, waarin we als Capgemini in quadrupple helix verband samenwerken om innovaties op het gebied van duurzame energie in Europa te stimuleren.

In Nederland ondersteuent Capgemini Invent de G40 met het inventariseren van bestaande smart city projecten om via samenwerking en integraal beleid tot versnelde opschaling en implementatie van goedwerkende oplossingen te komen. Door als steden deze oplossingen in samenhang toe te passen bij de opgaven zoals woningbouw, energietransitie en nieuwe mobiliteit en door co-investeringen van het rijk kan een grote stap worden gezet naar duurzamere en slimmere stad.

Auteurs:

Arjan Bruil
Senior Consultant | Supply Chain Management | Capgemini Invent
Door van der Wiel
Consultant| Supply Chain Management | Capgemini Invent